Het Virtueel Verzorgingshuis en u

In het Virtueel Verzorgingshuis werkt u als professional samen met andere professionals en niet-professionals, in eerste instantie vaak de cliënt en zijn mantelzorger(s), de huisarts en de thuiszorg; daarnaast welzijn, paramedici en specialisten. Deze samenwerking wordt gefaciliteerd door een website waarop de cliënt een eigen pagina heeft:

Deze pagina bevat het zorgleefplan van de cliënt. In het zorgleefplan staat welke zorg (verzorging, behandeling, verpleging) iemand nodig heeft en er wordt in aangegeven hoe en wanneer die zorg wordt gegeven en door wie. Om een goed zorgleefplan op te stellen komt een team van zorgverleners bij de zorgvrager thuis op bezoek voor gezamenlijk overleg: het multidisciplinaire overleg (MDO). Daarbij kan ook de mantelzorger aanwezig zijn. In ieder geval zullen de wijkverpleegkundige en de huisarts (of een praktijkondersteuner) aanwezig zijn bij het MDO. De zorgvrager zelf neemt, eventueel met zijn mantelzorger, de beslissingen over zijn eigen zorg. De eigen pagina op de internetwebsite is en blijft van de zorgvrager zelf. Het zorgleefplan wordt regelmatig gezamenlijk geëvalueerd en zo nodig aangepast.

U kunt de gegevens van de cliënt inzien, de voortgang rapporteren en observaties invoeren. Dat kunt u doen vanaf elke computer met toegang tot het internet. Daarvoor is een laptop of een tablet die u ook bij de cliënt thuis kunt gebruiken het meest geschikt.

U zult informatie van anderen krijgen en informatie delen. Dat gebeurt op een gestructureerde wijze via de webpagina van de cliënt. Iedereen in het netwerk rond de cliënt beschikt daardoor voortdurend over de juiste en up-to-date informatie. Tevens zorgt het systeem voor instructies bij het geven van de zorg. Hiermee kan iedereen zijn taken autonoom vervullen.




In het Virtueel Verzorgingshuis krijgt elke zorgvrager een eigen pagina op een website: dat is de eigen plek van de zorgvrager in het Virtueel Verzorgingshuis. Hierop wordt zijn zorgleefplan weergegeven en bijgehouden.

Het zorgleefplan wordt opgesteld door de (zorg)coördinator (1). Wanneer er voortgang wordt gerapporteerd (2) worden belangrijke wijzigingen doorgespeeld aan alle betrokkenen (3). Ook de coördinator wordt op de hoogte gesteld (4) en kan beoordeelt of wijzigingen in het beleid nodig zijn.

Zorgleefplan

Informatie delen is méér dan het hebben van een gezamenlijk dossier:

  • Uit privacy overwegingen is niet alle informatie voor iedereen zichtbaar: men ziet de informatie die nodig voor het goed uitvoeren van zijn taken.
  • Mensen worden actief op de hoogte gebracht van de ontwikkelingen rond de zorg voor de cliënt.

De coördinator